Kies je locatie
Algemeen
Pantarijn
MHV Wageningen
VMBO Wageningen
PRO Wageningen
Rhenen
Kesteren
Pantarijn

Leerlingbegeleiding in de bovenbouw

Inrichting mentoraat

Elke leerling is in beeld bij de mentor. De mentor let allereerst op het welbevinden van de leerling. Zo nodig weet de mentor problemen te signaleren en de leerling te begeleiden in het oplossen van de problemen of de leerling door te verwijzen naar deskundigen die daartoe in staat zijn. Verder begeleidt de mentor de leerling in de sociaal-emotionele ontwikkeling. De leerling ontwikkelt zich tot een weerbaar mens die respectvol met zijn/haar medemens omgaat en verantwoordelijkheid durft te nemen voor zichzelf en een ander. Bovendien begeleidt de mentor de leerling op weg naar zelfstandige student: de leerling leert zelf verantwoordelijkheid te nemen voor zijn/haar leerproces. Naast begeleiding in studievaardigheden en het leerproces begeleidt de mentor samen met de decaan de oriëntatie op studie en beroep (loopbaanoriëntatie).

Kerndoelen per leerlaag

Hier staat een overzicht van de kerndoelen die het mentoraat bovenbouw heeft vastgesteld:

1. Elke leerling in beeld (V4, H4, H5)
De leerling met goede en met minder goede resultaten weet zich gevolgd door de mentor.

2. Oriëntatie, planning en evaluatie (V4, V5, H4)
Met behulp van de mentor leert de leerling zich te oriënteren op de periode, een planning te maken, een aanpak te kiezen en behaalde resultaten te evalueren.

3. Analyse en bijstelling (V5, H4)
De leerling leert behaalde resultaten te analyseren en wanneer nodig te vertalen naar een andere aanpak.

4. Motivatie (V5, V6, H5)
De leerling leert motivatieproblemen te onderzoeken. Daarnaast leert hij korte termijndoelen vaststellen met de mentor.

5. Actief contact met de docent (V4, H5)
De leerling leert actief op vakdocenten en mentor afstappen wanneer er onduidelijkheden zijn.

6. Studievaardigheden (V4, H5)
De leerling leert sterke en zwakke kanten van de eigen manier van leren kennen en traint in vaardigheden.

7. Verantwoording afleggen (V5, V6)
De leerling leert verantwoording af te leggen over de studie doordat hij door de mentor wordt geconfronteerd met gemaakte afspraken.

8. Niveau, profiel en zwaarte van het programma (V5, H4)
In de praktijk leert de leerling met de mentor te onderzoeken of niveau, profiel en zwaarte van het programma goed gekozen zijn.

9. Prioriteiten stellen en keuze maken (V4, V6)
De leerling leert welke taken prioriteit hebben en maakt aan de hand daarvan keuzes.

10. Zelfvertrouwen (V5, V6)
De leerling leert vertrouwen te krijgen in zichzelf.

11. Vertrouwen in anderen (V5, V6)
De leerling leert mensen vertrouwen die in de schoolorganisatie belangrijk zijn: mentor, vakdocent, coördinator, decaan en counselor.

12. Samenwerken (V4)
De leerling leert het samenwerken met anderen te maken tot een punt van aandacht.

13. Studieaanpak verdedigen (V5, H4, H5)
In het door de leerling voorbereid mentorgesprek leert de leerling verantwoording afleggen over het leerproces en de organisatie van de studie.